Boom, roos, vis

7 januari 2008

Het allerleukste wat ik ooit heb geleerd is lezen. Ik kan me nog goed herinneren hoe ik in groep twee begon met het ontcijferen van een boekje over Kees en een kar, samen met wat vriendinnetjes. Wat Kees precies meemaakte met die kar weet ik niet, maar de vorm van het boekje, en de middag in mei dat de juf ons een voor een op haar grote stoel liet zitten om een stukje voor te lezen, zullen mij nooit meer ontgaan.

In groep drie begon het pas echt, met behulp van een roze werkschrift en de befaamde woorden boom, roos, vis, vuur, mus, pim, kees en miep. Daarna kwamen er natuurlijk nog veel meer woorden bij, en momenteel lees en spreek ik een aardig woordje Nederlands.
Taal blijft een wonderlijk fenomeen. Het idee dat ik een serie tekens achterelkaar zet, en dat jij snapt wat ik ermee bedoel, gaat mij nog steeds de pet te boven. Het heeft iets met afspraken - laat ik eens een moeilijker woord gebruiken: conventies - te maken. Ooit hebben twee mensen bedacht dat de vier tekens b, o, o en m een woord maken, en dat dat woord verwijst naar een fysieke boom, zoals je die in het bos of langs de straat ziet. Langzamerhand worden die afspraken over woorden steeds algemener geaccepteerd, zodat uiteindelijk mensen niet langer de tekens b, o, o en m zien, maar het woord boom lezen. Althans, zo stel ik het me voor. Er zijn talloze taalwetenschappers die zich hier mee bezig houden, en dan ook verklaringen hebben waarom Nederlanders de tekens b, o, o en m als een natuurlijk object met takken en bladeren zien, en Engelssprekenden bij de tekens b, o, o en m juist als woord interpreteren dat een hard geluid beschrijft.

Op kleinere schaal ontstaan ook taalafspraken. Denk aan straattaal (hey swa, kapot vette patas!), of sms-taal. En dan heb je natuurlijk ook nog NUSA-speak. Hoe langer wij bij elkaar zijn, hoe meer typische uitdrukkingen en nieuwe woorden er geboren worden. Vandaar vanaf nu: de NUSA-speak openbaringen! Want hoe meer lezers onze woorden overnemen, des te eerder wordt het onderdeel van de Nederlandse taal. Over tien jaar is het niet langer boom, roos, vis, vuur op de basisschool, maar domineren de woorden kortschrijven, uitcontroleren, ultraknus, plotpuzzelen en fijnschrijven de leesmethodes.

Plaats een reactie