Uitlaatkleppen
18 februari 2008De meeste mensen hebben er wel een: een uitlaatklep. Een of andere bezigheid waardoor je even helemaal kunt ontspannen en al je zorgen vergeet. Iets waar je al je emoties en vooral frustraties in kwijt kunt. Iets waardoor je even stoom kunt afblazen en al je stress verdwijnt als sneeuw voor de zon. Kortom: iets waar je blij van wordt.
Sommige mensen vinden dit in het fanatiek beoefenen van een bepaalde sport, anderen in het maken van muziek, hetzij alleen, hetzij samen met anderen in een band of orkest. In het sleutelen aan auto’s, radio’s, of andere apparaten met veel onderdelen, in het verzamelen van grote of kleine waardevolle prullaria, of in het in elkaar knutselen van minuscule landschappen om daar vervolgens evenzo minuscule treintjes doorheen te laten rijden. Mijn uitlaatklep is schrijven. Wellicht niet zo verwonderlijk. Toch heeft het me flink wat tijd en moeite gekost voor ik dit zelf ook doorhad. Want hoewel ik al van kinds af aan schrijf, heb ik toch lang getwijfeld of dit het wel was voor mij. En zo heb ik tussendoor enkele uitstapjes gemaakt en andere bezigheden uitgeprobeerd.
Toen ik een jaar of 10 was, zat ik bijvoorbeeld op een toneelclub. Ik had het daar ontzettend naar mijn zin. Ik vond het heerlijk om in de huid van een ander te kruipen, om allerlei dingen te doen en te zeggen die ik normaal gesproken niet eens in mijn hoofd zou halen, om bergen gekke kleding aan te trekken en in de meest fantasievolle decors rond te dartelen. Toch was er een klein probleempje, waar ik mee werd geconfronteerd tijdens de uitvoering van ons toneelstuk. Want al dat instuderen van teksten en liedjes was natuurlijk niet alleen voor onze eigen lol. Nee, dit plezier moest per se worden gedeeld met al onze families en vrienden. Maar toen kwam dus dat probleempje om de hoek kijken: mijn verlegenheid. Ik hou er namelijk totaal niet van om in het middelpunt van de belangstelling te staan. Helaas bleek dat uiteindelijk toch knap lastig te vermijden als je bij een toneelclub zit. Die uitvoering aan het eind hoorde er toch echt bij. Dus nee, toneelspelen was toch niet mijn ding.
Een tijdje later wist ik het zeker: ik ga tekenen. Ik was zelfs zo zeker van mijn zaak, dat ik het meteen professioneel aanpakte en een cursus ging volgen (wel zo’n thuiscursus natuurlijk, ik wilde nog wel een beetje mijn eigen tijd kunnen indelen). Vol goede moed ging ik aan de slag met mijn nieuwe potloden en penselen en krijtjes, om al snel tot de conclusie te komen dat ik ook hier weer iets miste, namelijk talent. Ik ben behoorlijk visueel ingesteld en in mijn hoofd kan ik de meest prachtige beelden oproepen. Maar als ik die vervolgens probeer te tekenen, is het resultaat op z’n zachts gezegd niet echt wat ik voor ogen had. Zo leek de appel die we in les 1 van de cursus moesten tekenen bij mij meer op een misvormde peer. Dus helaas, tekenen viel ook af.
Een paar jaar later kocht ik in een opwelling een akoestische gitaar. Ik hield immers van muziek, dus misschien was muziek maken wel iets voor mij. Bovendien leek het me ook erg stoer om gitaar te kunnen spelen. Alleen een gitaar aan de muur hebben hangen staat immers al erg intelligent, niet? Helaas is ‘ie ook vooral daar blijven hangen. Ik heb er heus weleens op gepingeld hoor. Alleen klonk het voor geen meter. Logisch ook, ik begon net. Maar helaas miste ik ook hier weer een belangrijke eigenschap, namelijk geduld. Ik wilde meteen de sterren van de hemel kunnen spelen. Ik had helemaal geen zin om iedere dag uren te gaan oefenen, om pas na een jaar of wat eindelijk iets fatsoenlijks uit dat ding te krijgen. Dus ook muziek maken was niets voor mij.
Zo kwam ik uiteindelijk toch telkens weer terug bij schrijven. En naarmate ik meer andere dingen had geprobeerd, wist ik het steeds zekerder: schrijven is het helemaal voor mij. Nu zou ik zelfs niets anders meer willen proberen. De schaarse vrije tijd die ik momenteel heb, steek ik liever maar meteen in schrijven, omdat ik gewoon zeker weet dat ik daar heel blij van word.
Ik vraag me wel eens af of ik de enige ben die zo’n queeste heeft ondernomen, een zoektocht naar een uitlaatklep. Heb jij bijvoorbeeld ook een uitlaatklep? Of meerdere misschien wel? En hoe ben je hiertoe gekomen? Heb jij ook enkele mislukte experimenten moeten ondergaan voor je wist wat je wilde? Ik kan haast niet geloven dat ik hierin de enige ben. De meeste kinderen weten toch nog helemaal niet wat ze willen? Er moeten toch meer mensen zijn die vroeger hun tijd en geld op die manier hebben verspild? Er zijn toch wel meer twijfelaars op deze wereld? Dat moet haast wel. Toch?
Reacties
Ik denk dat je bij lange na niet de enige bent die zo’n twijfel tocht achter de rug heeft! De een is er misschien wat sneller mee dan de ander, maar ik denk dat iedereen (bewust of onbewust) wel een uitlaatklep zoekt of heeft gezocht.
Zelf heb ik ook een redelijke tocht achter de rug. Toen ik klein was begon ik met piano spelen. Eigenlijk heb ik dit vrij lang volgehouden (tot m’n 13e), dus ik weet niet of je dit een echt tijwfel geval mag noemen. Maar ik herken me goed in wat je zei over de akoestische gitaar: het duurt zo ontzettend lang voordat je een instrument goed kan bespelen! Ik had nou niet echt de passie om er flink wat aandacht aan te besteden; het ging mij allemaal te langzaam. Af en toe speel ik nog wel, maar dit was duidelijk niet mijn eindbestemming.
Daarna heb ik verschillende dingen geprobeerd. Zo heb ik ook een flinke tijd op badminton gezeten - niet zo verwonderlijk aangezien ik uit een badminton gezin kom. Eigenlijk wilde ik dit niet opgeven, maar er zat voor mij toch vrij weinig toekomst in. In ieder geval wel bij de club waar ik lid van was. En achteraf gezien was het misschien toch niet wat ik zocht.
Vervolgens ben ik begonnen met schrijven: iets wat ik eigenlijk nog steeds doe. Alleen vraag ik mij vaak af of ik wel genoeg talent heb. Ik ben vrij kritisch over m’n eigen werk, en ik heb vaak grootste ideeen die ik maar niet goed op papier krijg. Ik heb het nog niet opgegeven, maar ik heb zo mijn twijfels of dit wel mijn uitlaatklep is. Ik vermoed van niet, maar dit betekent niet dat ik het nu achter me zal laten. Ik vind het fijn om dingen weg te schrijven, of het nou persoonlijke ervaringen zijn (in weblogs) of echte verhaaltjes. Een ultieme uitlaatklep wil ik het niet noemen, maar het was in ieder geval iets waar ik mijzelf in kon vinden.
Maar tegelijkertijd met enkele van die andere activiteiten ben ik door de jaren heen stilletjes met fotografie begonnen. In het begin vooral voor de lol: gewoon foto’s van vakanties en andere uitjes. Maar langzamerhand begon ik mij te realiseren dat ik er meer in zag. Vooral de laatste twee jaar ben ik er steeds serieuzer mee bezig, en momenteel wil ik er alleen maar meer mee gaan doen. Ik wil echt beter worden en vind het niet erg om hier flink wat tijd aan te besteden. Het blijft moeilijk om er genoeg aandacht aan te besteden, en af en toe heb je er ook even wat minder tijd voor. Maar zo ook voor elke andere uitlaatklep: je hebt er niet altijd evenveel tijd voor. Maar het belangrijkste is dat je er toch steeds weer bij terug komt en het niet opgeeft. En laat fotografie nou net hetgene zijn waar ik steeds bij terug kom. Dus wellicht heb ik mijn uitlaatklep ook eindelijk gevonden…
Kortom: je bent zeker niet de enige. Sommige mensen hebben geluk en vinden in een keer de uitlaatklep die ze zochten. Maar de rest zal zo’n twijfel tocht moeten doorlopen: door verschillende dingen te proberen kom je vanzelf bij datgene wat echt bij je past. Natuurlijk kan ik alleen voor mijzelf spreken, maar je weet nu in ieder geval wel dat je niet de enige twijfelaar bent
Oei, als ik geweten had dat je dit ging schrijven had ik mn eigen columnpje over twijfel afgemaakt die dag
Mis sinds die dag beetje de inspiratie ervoor
Plaats een reactie